Grenadier Hendrik Peperkamp zaait verwarring
Er zijn nogal wat onduidelijkheden omtrent Henricus. Sterker nog, het is maar de vraag of ik de juiste te pakken heb. Henricus Peperkamp, zoon van Hendrik Peperkamp en Maria Rijken.
De eerste zoon Henricus uit het gezin wordt geboren in 1782. Het heeft er alle schijn van dat deze Henricus overleden zal zijn tussen 23 december 1785, de doop van een tweede zoon Petrus, en 30 oktober 1786. Op deze laatste datum wordt namelijk een volgende zoon Henricus gedoopt. Zijn Rooms-Katholieke doop staat vermeld in zowel het kerkboek van Eimeren als dat van Herveld. Geboren in Herveld. Deze Henricus moet ná 17 maart 1792 overleden zijn. Geen begraafregistratie of overlijdensakte te vinden. Evenmin een passende huwelijksinschrijving of huwelijksakte.
Tot zover niks spectaculairs onder de zon, zou je denken. Kan gebeuren natuurlijk. Niet alle levensgebeurtenissen van eerdere generaties zijn te traceren.

R.K. Doopinschrijving Eimeren van Henricus II op 30 oktober 1786.
Bron: FamilySearch

R.K. Doopinschrijving Herveld van Henricus II op 30 oktober 1786.
Bron: Gelders Archief
Maar… dan komt er een stamboekinschrijving boven water drijven van een Hendrik Peperkamp, die voor het Napoleontische leger is gerekruteerd. Henri, zoon van Henry Peperkamp en Maria Rika. Rijken of Rika. ‘Potayto, potahto, tomayto, tomahto,’ is mijn overtuiging. Geboren op 1 februari 1788 te Oud Elst. Dan ben je al snel geneigd te denken dat dit een derde zoon Henricus uit het gezin zal zijn. Dat is goed mogelijk, ware het niet dat van deze Henricus in geen enkel kerkboek uit welke plausibele plaats dan ook de doop te vinden is. Een foutieve geboortedatum in het stamboek? Wellicht, maar met die vermelding hebben we het wel te doen. Tot het tegendeel bewezen is.
Het eerste teken van leven van Hendrik of Henri uit 1788 is terug te vinden in het register van het Depot van Algemene Werving.

Inschrijving in het boek van het Depot der Algemene Werving.
Bron: Nationaal Archief
Veel Nederlandse militairen dienen tussen 1806 en 1814 onder Napoleon. Een aanzienlijk deel hiervan sterft tijdens de barre veldtochten. Vooral ondervoeding, ziektes en verwondingen zijn de boosdoeners. Dienst weigeren heeft geen zin. Gedurende de jaren van Franse onderdrukking schroomt men niet families, buren of zelfs hele dorpen van dienstweigeraars en deserteurs onder druk te zetten. Maatregelen variëren van zoektochten door de militaire politie, zware boetes aan ouders, dwang tot het ronselen van nieuwe soldaten tot het op kosten van de familie of buren inkwartieren van ‘garnisaires’ in de hoop dat de onderduikers tevoorschijn zullen komen om de getroffenen te ontlasten van deze extra kosten.
Ook Hendrik wordt geronseld voor het Franse leger. Met zijn lengte op kousen van 5 voet, 9 duim en 1 streep wordt hij op de 7e van de wijnmaand 1810 ingeschreven als fusilier, destijds de benaming van elke infanterist die niet tot een keurcompagnie behoort. Tweeëntwintig jaar oud, geboren in Herveld. Uitgaande van de destijds toonaangevende Rijnlandse maten kom ik op een lengte van ongeveer 1,81 meter uit. Dat komt aardig overeen met de bijna 1,84 meter uit het stamboek. Hendrik is dus beslist niet klein van stuk. Zijn aangezicht is wel wat bleekjes en zal waarschijnlijk afsteken tegen zijn bruine ogen en haren. Verder is zijn voorhoofd breed, zijn kin rond en zijn neus plat. Een gemiddelde mond completeert het geheel.

Uitsnede inschrijving.
Bron: Nationaal Archief

Berekening van Hendriks lengte, uitgaande van de Rijnlandse maten.

Inschrijving in het stamboek van het 123e Regiment Infanterie van Linie.
Bron: Mémoire des Hommes
Vanuit het Depot Rekruten wordt Hendrik op 15 maart 1811 ingelijfd bij het 3e Bataljon 5e Compagnie van het 123e Regiment Infanterie van Linie. Achtereenvolgend wordt dat het 3e Bataljon 2e Compagnie, Grenadiers 3e Compagnie en Grenadiers 1e Compagnie. De grenadiers, tot afzonderlijke compagnieën binnen een infanterieregiment verenigd, moeten robuust, welgemaakt, van een middelmatig postuur zijn en bekend staan als de braafste soldaten. Naast de fysieke kenmerken geeft dat een goed beeld van Hendriks inborst.

Een fusilier, grenadier en voltigeur uit de Infanterie van Linie.
(door Louis Bombled)
Bron: Amazon
Het 123e Regiment Infanterie van Linie, opgericht bij decreet van 18 augustus 1810 na de annexatie van het Koninkrijk Holland, wordt gevormd door het 1e en 2e Bataljon van het 2e Regiment Infanterie van het Koninkrijk Holland, dat onderdeel is van de Nederlandse Brigade in Spanje, en het 2e Bataljon van het 6e Regiment Infanterie van het Koninkrijk Holland.
Na enkele campagnes waarbij het 123e Regiment Infanterie van Linie als onderdeel dient, strijkt het in 1811 neer bij Boulogne-sur-Mer in het departement Pas-de-Calais. Daar versterkt het zijn gelederen met dienstplichtigen, niet zelden gerekruteerd via het depot in Saint-Omer.
Boulogne-sur-Mer is één van de plaatsen in het noorden van Frankrijk waar de Grande Armée haar troepen en kampen reorganiseert ter voorbereiding op uitzending naar Rusland. Het eerste Kamp Boulogne wordt in 1803 door Napoleon Bonaparte opgericht. Vastbesloten als hij is om van hieruit met de aanwezige 120.000 manschappen een landing in Engeland te bewerkstelligen. Qua afstand is hier de kortste oversteek naar de Engelse kust, die je bij helder weer zelfs vanaf het kamp kan zien liggen. Napoleon verandert echter van strategie, waardoor het nooit tot een invasie komt. In 1805 breekt hij het kamp op.

Het kamp van Napoleon bij Boulogne-sur-Mer.
Bron: Atlas de l’Histoire du Consulat et de l’Empire (door Adolphe Thiers)
De hygiënische omstandigheden in Kamp Boulogne, waarvan de officiële naam tot 9 juni 1805 Kamp Saint-Omer is, worden als bevredigend beschouwd. Het tekort aan hout leidt weliswaar tot onvoldoende verwarming, maar wordt in de kampementen redelijk goed verdragen door de goed geklede en uitgeruste soldaten. De strijd tegen de vochtigheid is van grotere zorg. De manschappen slapen op stro of varens, die elke tien dagen met een hoeveelheid van één bundel per soldaat worden vernieuwd. Om ziekten tegen te gaan, mag er geen water in de barakken worden verspreid en afval dient uitsluitend in de latrines te worden gedeponeerd. De belangrijkste doodsoorzaak in het kamp komt eigenlijk door de populaire bezigheid van het duelleren.
Medisch gezien vormt de door schurftmijt veroorzaakte zeer besmettelijke huidaandoening schurft het grootste probleem. De behandeling wordt uitgevoerd met zwavelzalf. Is de aandoening na twaalf dagen niet genezen dan wordt de schurft als chronisch beschouwd en zal de patiënt worden doorgestuurd naar het ziekenhuis.
In april 1811 geeft Napoleon opnieuw opdracht tot het realiseren van een kamp bij Boulogne-sur-Mer. Vijf maanden later bestaat het kamp uit 21.000 manschappen.
Een jaar na de hernieuwde oprichting, in april 1812, verlaat het 123e Regiment Infanterie van Linie het kamp in Boulogne-sur-Mer voor de Russische campagne. Het voegt zich bij het Elbe-observatiekorps en het 2e Korps van de Grande Armée en neemt op 17 en 18 augustus 1812 deel aan de Eerste Slag bij Polatsk in het huidige Wit-Rusland. Eind november 1812 op de terugtocht bij de oversteek van de Berezina-rivier, een zijrivier van de Dnjepr, lijdt het regiment enorm zware verliezen en wordt zo goed als vernietigd.

Tocht naar Moskou in 1812.
Bron: Atlas der Algemene en Vaderlandse Geschiedenis (21ste druk)

De oversteek van de Berezina-rivier (door January Suchodolski, 1866)
Bron: Wikimedia (Licentie: Publiek Domein)
Hendrik wordt in 1811 in het kamp bij Boulogne-sur-Mer gehuisvest en getraind voor uitzending. Echter, hoe raar het ook klinkt, hem blijft misschien veel leed bespaard als hij op 13 november 1811 in Boulogne-sur-Mer komt te overlijden in het Militaire Hospitaal No. 1. Wat de doodsoorzaak is, blijft onzeker aangezien er geen overlijdensverklaring van hem te vinden blijkt te zijn. Zijn overlijden wordt naar zeggen door twee vrienden aangegeven bij de ambtenaar van de burgerlijke stand. En dat is ook mooi.

Overlijdensakte van Hendrik Peperkamp.
Bron: Archive Departementale Pas-de-Calais
Tekst: © Uit de oude Koektrommel
