Blinde voorouder

9 oktober 2017 at 22:59

 
Tegenwoordig is er zoveel informatie online te vinden, dat mijn stambomen wat achter de feiten aan lijken te lopen. Zodra ik er dan ook maar enigszins de tijd voor vrij kan maken neem ik eentje onder de loep en loop alle personen en gegevens na aan de hand van akten en registers. Dat is best een pittige klus, maar het levert toch altijd wel wat aanvullingen op die ik in het verleden heb gemist of nooit heb kunnen vinden. En heel soms doe je een verrassende of juist trieste ontdekking, zoals in deze huwelijksinschrijving van Barent Enklaar en Hendrina Wichers, zoon van mijn voorouders Lubbert Enklaar en Willemijn Nijenhuis:

‘… en dat de moeder van den bruijdegom, blind zijnde, ook ’t huwelijk toestemt’.
 
 

Huwelijksinschrijving Barend Enklaar en Hendrina Wiggers

Huwelijksinschrijving van Barent Enklaar en Hendrina Wichers, Arnhem 10 april 1773.
Bron: FamilySearch


 
 

Opa Cees de ijscoboer

30 juni 2016 at 16:06

 
Welk kind wil er nu niet een ijscoboer als opa?! Nou, mijn opa was dat. Jammer genoeg ken ik mijn opa alleen van de foto’s en de schaarse familieverhalen; hij was voor mijn geboorte al overleden.

In eerste instantie was mijn opa Albertus Cornelis ‘Cees’ Enklaar smid van beroep. In de adresboeken van Nijmegen worden vervolgens de beroepen arbeider, chauffeur en fabrieksarbeider vermeld. Fabrieksarbeider zal hij bij de Philips zijn geweest, alwaar heel wat andere familieleden hun beleg op de boterham verdienden.
Vervolgens besloot hij zich toe te leggen op het verkopen van zelfgemaakt ijs. Zo trok hij met zijn ijscokar door de straten van Nijmegen om ‘het lekkerste ijs van Nijmegen’ aan de man te brengen. Overigens was deze eigen fabricage van ijs geheel tot groot ongenoegen van mijn oma, die daarvoor als onvrijwillig proefpersoon moest dienen. Teveel zout, te weinig zout. Dikwijls vroeg zij zich hardop af of ‘hij haar soms wou vergiftigen…?!’. Dan was het bij wijze van spreken bukken geblazen om het linea recta geretourneerde ijs op tijd te kunnen ontwijken.

 

De ijscokar van mijn opa.
Bron: © Uit de oude Koektrommel

 
Uiteraard moest je met je tijd meegaan en de ijscokar werd daarom ingeruild voor een ‘bedrijfsauto’. Heel wat zijn er versleten. Bovendien waren het niet de meest nieuwe en solide auto’s, waardoor het kon gebeuren dat afgevallen onderdelen de bedrijfsauto spontaan in konden halen tijdens het rijden. Zo kon mijn vader zich ook nog goed herinneren dat hij als klein jochie terug moest rennen om een uitgevallen autodeur van de straat te rapen!

 

De ijscokar werd ingeruild voor een bedrijfswagen.
Bron: © Uit de oude Koektrommel

 
Mijn opa Cees werd op 20 september 1899 in Rhenen geboren op nummer 391 van Wijk A als onwettige zoon van Johanna van den Oosterkamp. Zijn moeder trouwde, inmiddels behoorlijk zwanger van haar tweede kind, het jaar daarop op 21 november in Arnhem met mijn overgrootvader Cornelis Albertus Enklaar. Bij dit huwelijk werd mijn opa erkend en gewettigd.
Dan rijst natuurlijk al snel de vraag of mijn overgrootvader wel de biologische vader van mijn opa zal zijn geweest. De vernoeming lijkt dit te bevestigen. Binnen de familie van Johanna komt de naam Albertus of een variant daarop niet voor. Echter, de vader van Cornelis Albertus heette wel Albert. Bovendien waren Johanna en haar ouders niet bepaald honkvast en woonden zij in ieder geval in 1900 al in Arnhem. En misschien wel het ‘meest belangrijke’ feit is, dat er binnen de familie geen enkel gerucht de ronde deed over een mogelijke ‘andere vader’.
Op 22 december 1922 trouwde Cees in Nijmegen met mijn Nijmeegse oma Wilhelmina ‘Mien’ Ubeda, dochter van Johannes Hendrikus Ubeda en Johanna Hermsen.

 

Geboorteakte A.C. Enklaar

De geboorteakte van mijn opa, aangegeven door de vroedvrouw. Aangezien hij in onecht is geboren kreeg hij de familienaam van zijn moeder Johanna van den Oosterkamp. Bij het huwelijk van zijn ouders is hij erkend en gewettigd. Vanaf dat moment kreeg hij de familienaam Enklaar van zijn vader.
Bron: Utrechts Archief

 
De Tweede Wereldoorlog brak aan. Mijn grootouders waren inmiddels vier dochters rijker en een zoon als hekkensluiter van het gezin zou zich in de oorlog als ‘nakomertje’ nog aankondigen. In de kelder van het grootouderlijke huis waren in de beschuitbus een pistool en kogels opgeborgen. Ondanks dat dit een publiek ‘gezinsgeheim’ was, werd er, ik zou haast zeggen ‘uiteraard’, nooit over gesproken. Behalve de mededeling dat ‘daar niet aangekomen mocht worden!’. Mijn opa kwam en ging; hij schroomde niet om twee weken weg te blijven. Niemand leek precies te weten waar hij zich in die tijd had opgehouden, alhoewel ik er van overtuigd ben dat mijn oma zeker van zijn handel en wandel op de hoogte zal zijn geweest. Of in ieder geval een ernstig vermoeden zal hebben gehad. Opvallend genoeg zouden er in zijn perioden van afwezigheid activiteiten van het Verzet zijn geweest, zoals het plaatsen of juist weghalen van explosieven bij een brug, wist een familielid mij later te vertellen.
Na de oorlog werd de inhoud van de bewuste beschuitbus door mijn oma in de vuilnisbak gedeponeerd. Waarschijnlijk probeerde zij op deze manier, voor zover dat mogelijk was, het hoofdstuk oorlog definitief te sluiten. De komst van een manspersoon, die op een dag aanbelde en verklaarde te komen voor mijn opa ‘Peter’ die hij kende uit de oorlog, werd dan ook niet op prijs gesteld. De beste man werd heengezonden met de opmerking dat ‘hier geen Peter woonde’… Ondanks verwoede pogingen om wat meer duidelijkheid te krijgen betreffende mijn opa in de oorlogsjaren, is dat tot op heden nog niet gelukt.

Mijn opa zou klein van stuk geweest zijn. Volgens mijn vader zo klein, dat hij ‘bij het aardbeien plukken van de trap was gevallen’. Ondanks zijn lengte, of misschien juist wel ter compensatie daardoor, was hij een fanatieke bokser en bokstrainer. Deze traditie van trainer of instructeur in een gevechtskunst zou zich in ieder geval drie opvolgende generaties voortzetten. De klap zal voor mijn fitte opa dan ook des te harder zijn aangekomen, toen hij ongeneeslijk ziek werd en de gevolgen van deze ziekte hem fysiek niet meer in staat stelde om te kunnen doen wat hij gewend was. Cees moest zich dit maal gewonnen geven en werd op de dag dat hij drieënzestig jaar zou zijn geworden begraven op het RK Kerkhof Jonkerbos.

 

Mijn opa in ‘betere tijden’ en zijn laatste foto.
Bron: © Uit de oude Koektrommel


 

Het bidprentje van mijn opa.
Bron: © Uit de oude Koektrommel


 
 
Tekst: © Uit de oude Koektrommel
 
 

Genealogie familie Enklaar

8 mei 2016 at 22:23

 

Stamreeks familie Enklaar

Stamreeks familie Enklaar
© Uit de oude Koektrommel


 
 
Pieter Jansz Enckelaer
Pieter Jansz Enckelaer werd geboren rond 1575 en overleed voor april 1634 in Arnhem. Hij trouwde vóór 1606 met Aeltgen Dircxs. Zij overleed tevens in Arnhem vóór 18 april 1634. In 1615 was Pieter waard aan St. Thonis (bij de Arnhemse Enck, richting Velp). Pieter en Aeltgen kregen in ieder geval vier kinderen: Pieter, Derck, Annitgen en Martijntje.
 
Derck Encklaer
Derck Encklaer werd in Velp-Rozendaal geboren rond 1620. Dat is dan tevens de enige informatie die ik tot nu toe heb weten te ontdekken. Met wie hij getrouwd was is vooralsnog een raadsel. Het echtpaar had de voor mij bekende kinderen: Jasper en Peter.
 
Peter Dercksen Encklaer
Peter Dercksen Enclaer werd geboren rond 1645 in Velp-Rozendaal. Hij trouwde met Geertuijt Dercks. Samen kregen zij vier kinderen: Derck, Jan, Maria en Derck (de Jonge).
 
Jan Petersz Enclaer
Jan Petersz Enclaer werd op 20 maart 1670 in Velp Nederduits Gereformeerd gedoopt. Hij overleed na 1727 en trouwde vóór 1695 met Geurtie Gerrits. Het echtpaar kreeg drie kinderen: Peter, Gerrit en Geertruijt.
Tussen 1701 en 1704 is hij als weduwnaar getrouwd met Gijsbertje Lubberts. Samen met Gijsbertje kreeg Jan nog acht kinderen: Derck, Lubbert, Geurt, Cornelis, Cornelia, Hendrik, Jan Gerritsen en Willemijn.
 
Lubbert Enklaar
Lubbert Enklaar werd in Velp gedoopt op 28 februari 1706 en werd op 66-jarige leeftijd begraven in Arnhem op 14 augustus 1772.
Op 3 november 1733 werd in Arnhem het huwelijk voltrokken tussen Lubbert en Willemijn Evertse Neijenhuis. Willemijn was de dochter van Berent Everts en Geertje Wamsteker. Zij werd op 1 juli 1708 in Arnhem Nederduits Gereformeerd gedoopt. Op 83-jarige leeftijd overleed zij in november 1791, waarna haar begrafenis volgde op 19 november 1791 te Arnhem.
Het echtpaar kreeg negen kinderen: Barent, Gijsbertje, Jan, Geurt, Geertruid, Marijke, Derck, Pouwel en Willem.
 
Willem Enklaar
Willem Enklaar werd gedoopt op 9 augustus 1753 in Arnhem. Hij overleed tevens in Arnhem op 29 september 1818 op 65-jarige leeftijd. Willem was landbouwer van beroep toen hij in Arnhem op 12 oktober 1783 trouwde met Johanna van Driessen. Johanna was de dochter van Gijsbert van Driessen en Elisabeth Teunissen. Zij werd Rooms-Katholiek gedoopt in Arnhem op 3 juni 1756. Op 40-jarige leeftijd overleed zij in maart 1797. Haar begrafenis was op 17 maart 1797 te Arnhem.
Willem en Johanna kregen zeven kinderen: Willem, Jan, Jenneken, Jan, Barent, Arend en Johanna.
Op 20 maart 1798 trouwde Willem in Arnhem als weduwnaar met Petronella Polman. Zij was arbeidster en landbouwster van beroep. Petronella werd Rooms Katholiek gedoopt in Huissen op 17 oktober 1773 en overleed op 70-jarige leeftijd te Arnhem op 30 januari 1841. Samen met Willem kreeg zij zeven kinderen: Geurt, Johanna Maria, Geurt, Geertruij, Geertruida, Derk en Petronella.
 
Arend Enklaar
Arend Enklaar had achtereenvolgens de beroepen van boerenknecht, landbouwer, timmerman en dagloner. Hij werd Nederduits Gereformeerd gedoopt op 5 augustus 1795 te Arnhem en overleed aldaar op 14 december 1862 op 67-jarige leeftijd.
Op 20 november 1822 trouwde hij in Arnhem met Gerritje Gerritsen. Zij was de dochter van Egbert Gerrits en Aartjen Willems en had als beroep dienstmeid. Gerritje werd geboren in Beekbergen op 20 februari 1794 en in dezelfde plaats gedoopt op 2 maart 1794. Op 78-jarige leeftijd overleed zij in Arnhem op 4 oktober 1872.
Het echtpaar kreeg zes kinderen: Willem, Berendina, Evert, NN (levenloos geboren meisje), Johanna en Albert.
 
Albert Enklaar
Albert Enklaar werd in Arnhem geboren op 25 november 1837 en overleed in Arnhem op 12 november 1918 op 80-jarige leeftijd. Van beroep was hij kleermaker en later behanger. Op 15 april 1863 trouwde hij in Arnhem met Antonia van Doorn, dochter van Cornelis van Doorn en Elisabeth Zikking. Antonia werd geboren op 24 juli 1841 in Driebergen en overleed in Arnhem op 14 april 1921 op 79-jarige leeftijd.
Albert en Antonia kregen tien kinderen, waarvan er drie levenloos geboren werden, vier al op zeer jonge leeftijd gestorven zijn en drie kinderen de volwassen leeftijd bereikten: Elisabeth Christina, Gerrit en Cornelis Albertus.
 
Cornelis Albertus Enklaar
Cornelis Albertus Enklaar werd geboren in Arnhem op 19 januari 1879. Over diverse akten verspreid had hij een aantal beroepen vermeld staan, namelijk: arbeider, pakhuisknecht, magazijnknecht, hulpambachtsman, stoker en metselaar.
Cornelis Albertus trouwde met Johanna van den Oosterkamp op 21 november 1900 te Arnhem. Johanna werd op 9 maart 1880 in Rhenen geboren als dochter van Gijsbert van den Oosterkamp en Maria ter Haar. Zij kreeg een negental kinderen: Albertus Cornelis, Hendrikus Gijsbertus, Johan Antoon, Anton, Willem, Antoon, Steven, Cornelis en Steven.
 
Albertus Cornelis Enklaar
Cees, zoals zijn roepnaam was, werd geboren op 20 september 1899 in Rhenen en werd bij het huwelijk van zijn ouders erkend. Hij was smid van beroep, maar ging zich later toespitsen op het zelf ijs maken en verkopen in zijn woonplaats Nijmegen. Na een slopende ziekte overleed hij op 62-jarige leeftijd op 17 september 1962 in Nijmegen. Hij werd begraven in Nijmegen op het R.K. Kerkhof Jonkerbos op 20 september 1962.
Cees trouwde in Nijmegen op 22 december 1922 met Wilhelmina Ubeda, dochter van Johannes Hendrikus Ubeda en Johanna Hermsen. Mien werd in Nijmegen geboren op 21 juli 1904 en was fabrieksarbeidster. Samen kregen zij vijf kinderen.
 
 
Tekst en afbeelding: © Uit de oude Koektrommel
 
De uitgebreide stamboomgegevens kunt u vinden in het aan deze website gekoppelde stamboomprogramma van Uit de oude Koektrommel.